Sinds 1 januari 2023 betaalt elke netgebruiker op het Vlaamse laagspanningsnet een capaciteitstarief: een deel van de nettarieven hangt af van het hoogste vermogen dat u afneemt, niet alleen van het aantal kilowattuur. Dat geldt ook voor bedrijven. Toch bleek uit een bevraging van de Vlaamse Nutsregulator dat 84% van de kleine en 85% van de grotere bedrijven op laagspanning hun gemiddelde piek niet kent. Slechts een op de vijf kan zeggen hoeveel kW het al heeft bespaard.
Dat is jammer, want de piek is een van de weinige posten op de energiefactuur die u grotendeels zelf in de hand hebt. In dit artikel leest u hoe het capaciteitstarief voor bedrijven werkt, wat een kilowatt in 2026 kost in elk Fluvius-netgebied en welke maatregelen de piek echt verlagen.
Wie betaalt het capaciteitstarief?
- Laagspanning met digitale meter of AMR-meter. Deze aansluitingen vallen samen in de tariefgroep "laagspanningsnet met piekmeting" en betalen op basis van hun gemeten piek. Klanten met een sociaal tarief zijn vrijgesteld.
- Laagspanning met een klassieke meter. U betaalt een vast bedrag dat overeenkomt met de minimale piek van 2,5 kW, in 2026 tussen €122,62 en €142,75 per jaar naargelang het netgebied, plus een hoger tarief per kWh.
- Middenspanning. Bedrijven op middenspanning betaalden al vóór 2023 een capaciteitstarief; alleen de berekening veranderde. Zij betalen op hun toegangsvermogen in kVA, dat ze zelf aangeven in Mijn Fluvius, en op hun werkelijke maandpiek in kW.
Zo wordt uw piek berekend
- Maandpiek: het hoogste kwartiervermogen van de maand, dus het verbruik in het drukste kwartier maal vier.
- Gemiddelde maandpiek: het rollend gemiddelde van de laatste twaalf maandpieken. Een maand onder 2,5 kW telt mee als 2,5 kW.
- Factuur: dat gemiddelde maal het tarief in euro per kW per jaar, of bij een maandfactuur het laatste gemiddelde maal het maandtarief.
Een paar spelregels zijn voor bedrijven belangrijk:
- Injectiepieken van zonnepanelen tellen niet mee.
- Elk uur kost evenveel: een piek om drie uur 's nachts weegt even zwaar als een piek om zes uur 's avonds.
- Of u een- of driefasig aangesloten bent, maakt niet uit.
- Er geldt een plafond: in 2025 en 2026 bedragen de nettarieven op laagspanning maximaal €0,3276168 per afgenomen kWh, maar de minimale piek van 2,5 kW blijft daarbovenop gelden.
Door het rollend gemiddelde blijft één uitschieter twaalf maanden lang op uw factuur staan. Dat maakt pieken vermijden lonender dan het op het eerste gezicht lijkt.
Wat kost een kilowatt in 2026?
Voor laagspanning met piekmeting gelden per Fluvius-netgebied deze tarieven, exclusief btw:
| Fluvius-netgebied | 2025 (€/kW/jaar) | 2026 (€/kW/jaar) |
|---|---|---|
| Antwerpen | 50,24 | 49,40 |
| Halle-Vilvoorde | 56,18 | 56,04 |
| Imewo | 53,24 | 54,20 |
| Kempen | 53,11 | 56,21 |
| Limburg | 48,87 | 49,05 |
| Midden-Vlaanderen | 49,04 | 50,12 |
| West | 56,93 | 57,10 |
| Zenne-Dijle | 55,80 | 56,12 |
Het Vlaamse gemiddelde voor 2026 bedraagt volgens de Vlaamse Nutsregulator €53,39 per kW per jaar. Op middenspanning (1–26 kV-net) betaalt u in 2026 €46,86 tot €60,14 per kW per jaar op de maandpiek en €30,41 tot €41,64 per kVA per jaar op het toegangsvermogen. Wie zijn toegangsvermogen overschrijdt, betaalt voor het overschreden deel twaalf maanden lang 1,5 keer het tarief.
Rekenvoorbeelden
- Een bedrijf op laagspanning dat zijn gemiddelde maandpiek van 60 naar 40 kW verlaagt, bespaart in 2026 €1.142 per jaar in netgebied West en €981 in Limburg.
- Eén enkele maand met een ongecontroleerde piek van 20 kW extra verhoogt het gemiddelde met 1,67 kW, en dat twaalf maanden lang. Kostprijs: €82 tot €95, voor één kwartier onoplettendheid.
- Op middenspanning levert elke kW minder op de maandpiek €46,86 tot €60,14 per jaar op, en ongeveer €78 tot €101 als u ook uw toegangsvermogen kunt verlagen.
Een kmo met laadpalen
Neem een kmo in netgebied Imewo met een gemiddelde maandpiek van 45 kW: een werkplaats, een kantoor en vier laadpunten van 11 kW voor bedrijfswagens, die allemaal rond 17 uur aan de lader gaan terwijl de werkplaats nog draait. Het capaciteitstarief kost dan 45 × €54,20, of €2.439 per jaar.
Stel dat een energiebeheersysteem het totale laadvermogen beperkt zolang de werkplaats in bedrijf is, en de wagens de rest van de avond en nacht gespreid laden. Daalt de piek daardoor met 20 kW, naar 25 kW, dan zakt het capaciteitstarief naar €1.355 per jaar: €1.084 minder, en de enige investering is de sturing van de laadpalen. Omdat het gemiddelde over twaalf maanden rolt, ziet u het volledige effect pas na een jaar op de factuur, maar elke maand met een lagere piek telt meteen mee.
Waar ziet u uw piek?
- Mijn Fluvius toont uw maandpieken en kwartierwaarden. Bedrijven loggen in als organisatie en openen de tegel "Verbruik".
- Op de meter zelf toont code 1.6.0 de hoogste piek van de lopende maand. Een AMR-meter toont ook de datum en het tijdstip.
- Realtime: de P1-poort van de digitale meter stuurt elke seconde gegevens door. U activeert hem via de gebruikerspoort van Fluvius, wat tot 72 uur kan duren. Op een AMR-meter staat de A1-poort altijd open.
Met die poort en een eenvoudig energiebeheersysteem kunt u laadpalen, warmtepompen of andere grote verbruikers automatisch laten terugschakelen voordat er een nieuwe piek ontstaat.
Wat veroorzaakt de piek in een bedrijf?
Fluvius noemt elektrische wagens en warmtepompen als zwaarste verbruikers, gevolgd door droogkasten, vaatwassers, kookplaten en ovens. In een bedrijf komt daar alles bij wat tegelijk opstart: compressoren, koelinstallaties, keukens, lasposten of machines die na de middagpauze samen herstarten.
Belangrijk om te weten: uw piek is een gemiddelde over een kwartier en ligt meestal ver onder de som van het vermogen van al uw toestellen. Het gaat erom welke toestellen in hetzelfde kwartier samen draaien. Daar zit ook de oplossing.
Een praktische werkwijze: exporteer de kwartierwaarden uit Mijn Fluvius, zoek per maand het drukste kwartier op en leg die tijdstippen naast uw planning, uw ploegenrooster of het laadschema van uw wagenpark. Meestal ziet u na twee of drie maanden een duidelijk patroon, en dat patroon bepaalt welke maatregel het meest oplevert.
Zes manieren om uw piek te verlagen
1. Spreiden en sturen
Dit is de goedkoopste maatregel. Laat grote verbruikers niet tegelijk opstarten, verschuif wat kan naar rustigere momenten en stuur laadpalen en warmtepompen slim aan. De Vlaamse Nutsregulator en Fluvius raden precies dat aan.
2. Slim laden
Laadpalen zijn vaak de grootste piekmakers. Spreid het laden van bedrijfswagens over de nacht en beperk het laadvermogen per laadpunt, tenzij u op dat moment zonnestroom over hebt. Volgens de evaluatie van de Nutsregulator verlaagden eigenaars van een elektrische wagen hun piek met gemiddeld ongeveer 5%, of 319 W.
3. Zonnepanelen alleen helpen weinig
Zonnepanelen verlagen uw afname overdag, maar de piek valt vaak 's avonds of op een bewolkte dag. Zonder sturing verlagen ze de piek nauwelijks. Ze blijven wel rendabel voor uw kWh-verbruik, ook al is zelfverbruik minder waard geworden sinds de kWh-nettarieven daalden.
4. Een batterij met piekbegrenzing
Een batterij kan precies de kwartieren afvlakken waarin uw verbruik piekt, maar alleen als ze daarop gestuurd wordt. Uit de evaluatie van de Nutsregulator blijkt dat laagspanningsgebruikers met een batterij hun piek gemiddeld met slechts 148 W verlaagden: de meeste batterijen worden gestuurd op zelfverbruik, niet op de piek.
Een eenvoudige rekenregel voor de terugverdientijd: deel de investering door de jaarlijkse opbrengst. Die opbrengst bestaat uit de vermeden kW maal het capaciteitstarief, plus de verschoven kWh maal het verschil tussen afnameprijs en injectievergoeding, plus de waarde van noodstroom als u die nodig hebt. Elke kWh zonnestroom die u zelf verbruikt in plaats van ze later opnieuw af te nemen, bespaart op laagspanning ook €0,050 tot €0,063 aan kWh-nettarieven. Houd er wel rekening mee dat een batterij achter de meter, gebruikt voor piekbegrenzing, zelfverbruik of noodstroom, niet de tariefkortingen krijgt die gelden voor zelfstandige opslag met een eigen aansluiting.
Wij leveren batterijsystemen in kasten van 100 tot 520 kWh voor bedrijven, met een sturing die op uw piek wordt afgestemd.
5. Middenspanning: zet uw toegangsvermogen juist
Op middenspanning betaalt u ook voor uw toegangsvermogen in kVA. Te hoog aangegeven betekent elk jaar te veel betalen; te laag betekent bij een overschrijding twaalf maanden lang 1,5 keer het tarief. Kijk naar uw werkelijke pieken van de voorbije jaren en stem het toegangsvermogen daarop af.
6. Compenseer blindvermogen
Omdat het toegangsvermogen op middenspanning in kVA wordt uitgedrukt, telt niet alleen het actieve vermogen mee, maar ook het blindvermogen dat motoren, transformatoren en elektronica vragen. Met blindvermogencompensatie daalt het schijnbaar vermogen in kVA bij hetzelfde verbruik in kW, zodat u met een lager toegangsvermogen toekomt. Een installatie die 400 kW afneemt bij een arbeidsfactor van 0,80, vraagt 500 kVA; bij een arbeidsfactor van 0,97 is dat nog 412 kVA. Voor stabiele lasten volstaat een automatische compensatie zoals onze ICO-R.
Brussel en Wallonië: andere regels
- Brussel kent vandaag een vast capaciteitstarief per meter, dat niet op gemeten pieken is gebaseerd: €47,24 per jaar tot 13 kVA en €94,48 daarboven. Vanaf 1 januari 2028 komt er voor laagspanningsaansluitingen onder 56 kVA een tarief per kVA beschikbaar aansluitvermogen, en vanaf 2030 drie tijdsblokken voor het kWh-tarief, met de duurste periode tussen 17 en 22 uur. Middenspanning en laagspanning boven 56 kVA betalen nu al grotendeels op capaciteit.
- Wallonië heeft in het standaardtarief op laagspanning geen capaciteitscomponent. Het optionele IMPACT-tarief (tot 56 kVA) heeft er wel een, maar die staat voor 2026 tot 2029 op €0 per kW. Aansluitingen met piekmeting, boven 56 kVA en op middenspanning, betalen wel een capaciteitsterm; bij netbeheerder AIEG op basis van het elfde hoogste kwartier van de maand.
Wat komt eraan?
De tariefstructuur blijft in de periode 2025–2028 ongewijzigd, zonder tijdsafhankelijk nettarief. Wel verdwijnt de korting voor exclusief nacht stap voor stap: 30% in 2025, 20% in 2026, 10% in 2027 en 0% in 2028. De Nutsregulator wees in oktober 2025 een tijdsafhankelijke kWh-component af, maar vroeg Fluvius te onderzoeken of pieken in daluren goedkoper kunnen worden. Fluvius mikt daarvoor op zijn vroegst op 1 januari 2029, en dan alleen voor digitale meters. Wie vandaag in piekbeheersing investeert, blijft daar dus de komende jaren voordeel uit halen.
Zo begint u
- Zoek uw maandpieken van de voorbije twaalf maanden op in Mijn Fluvius, of lees code 1.6.0 af op de meter.
- Zoek uit welke toestellen samen draaien in de piekkwartieren.
- Spreid en stuur eerst; reken pas daarna een batterij door.
- Op middenspanning: controleer uw toegangsvermogen en laat uw arbeidsfactor meten.
Meer over de bredere vraag naar netcapaciteit leest u in ons artikel over netcongestie. Wilt u dat we uw kwartierdata analyseren en uitrekenen wat piekbeheersing voor u oplevert? Neem contact met ons op.
